 |
Wetgeving
22 AUGUSTUS 2002. - Wet houdende maatregelen inzake
gezondheidszorg
ALBERT II, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt :
[...]
HOOFDSTUK III. - Referentiebedragen
Art. 11. Een artikel 56ter , luidend als volgt, wordt in dezelfde wet ingevoegd
:
« Art. 56ter . § 1. In afwijking van de bepalingen van deze wet en haar
uitvoeringsbesluiten worden jaarlijks referentiebedragen per opneming toegepast
voor de verzekeringstegemoetkoming verleend aan rechthebbenden in een ziekenhuis
met betrekking tot de groepen van verstrekkingen bedoeld in § 8 voor zover deze
behoren tot de in § 9 bedoelde APR-DRG-groepen. Onder APR-DRG-groepen wordt
verstaan : de classificatie van patiënten in diagnosegroepen zoals beschreven
in het handboek « All Patient Refined Diagnosis Related Groups, Definition
manuel, version 15.0 ».
§ 2. Deze referentiebedragen worden berekend voor de in § 1 bedoelde
APR-DRG-groepen voor de klassen 1 en 2 van klinische ernst en na weglating van
de « outliers » type 2 bedoeld in de besluiten genomen in uitvoering van
artikel 87 van de wet op de ziekenhuizen, gecoördineerd op 7 augustus 1987.
§ 3. De betrokken referentiebedragen zijn gelijk aan het gemiddelde van de
jaarlijkse uitgaven per opneming, vermeerderd met 10 % en steunen op de gegevens
bedoeld in artikel 206, § 2, van deze wet en artikel 156, § 2, tweede lid, van
de wet 29 april 1996 houdende sociale bepalingen.
§ 4. De betrokken referentiebedragen worden jaarlijks berekend door de
Technische Cel, bedoeld in artikel 155 van hogervermelde wet van 29 april 1996
op basis van de in § 3 bedoelde gegevens met betrekking tot de in § 1 bedoelde
verstrekkingen, alsmede voor advies voorgelegd aan de in artikel 153 van de wet
van 29 april 1996 houdende sociale bepalingen bedoelde multipartite-structuur
inzake ziekenhuisbeleid.
De jaarlijkse referentiebedragen per opneming worden voor de eerste maal
vastgesteld voor het jaar 2003 en worden berekend op basis van de in het eerste
lid bedoelde gegevens met betrekking tot de opnames die na 1 oktober 2002 en
voor 31 december 2003 worden beëindigd.
§ 5. Wanneer de werkelijke uitgaven voor het geheel van de in § 1 bedoelde
opnames in een ziekenhuis de overeenkomstig § 4 berekende referentieuitgaven
met ten minste 10% overtreffen wordt het verschil door de dienst voor de
centrale inning van de honoraria, bedoeld in artikel 135 en artikel 136 van de
wet op de ziekenhuizen, gecoördineerd op 7 augustus 1987, in mindering gebracht
van de aan de verzekering aangerekende honoraria. De Koning bepaalt de termijnen
en de nadere regels van vaststelling en bekendmaking van de betreffende
bedragen, de wijze waarop ze door de dienst voor de centrale inning van de
honoraria in mindering worden gebracht en de boeking ervan door de
verzekeringsinstellingen. Deze verrekening wordt tot de door de Koning
vastgestelde datum beperkt tot APR-DRG-groepen, bedoeld in § 9, 1°.
De ziekenhuisbeheerder en de ziekenhuisgeneesheren hebben een gedeelde
verantwoordelijkheid conform het reglement zoals bedoeld in artikel 135, 1°,
tweede lid, of in artikel 136, eerste lid, van de wet op de ziekenhuizen, gecoördineerd
op 7 augustus 1987, gewijzigd bij de wet van 14 januari 2002.
De Dienst voor administratieve controle wordt belast met het toezicht op de
toepassing van de bepalingen van het eerste lid.
§ 6. De Koning bepaalt de nadere regels en de wijze van aanrekening van de in
§ 5 bedoelde bedragen met het oog op de afsluiting van de rekeningen van de
verzekering voor geneeskundige verzorging en van de toepassing van de bepalingen
inzake de financiële verantwoordelijkheid van de verzekeringsinstellingen.
§ 7. Wanneer de werkelijke uitgaven voor het geheel van de in § 1 bedoelde
opnames de uitgaven van de overeenkomstig § 4 berekende referentieuitgaven met
10 % overtreffen voor meer dan de helft van de in het ziekenhuis voorkomende
APR-DRG-groepen, bedoeld in § 9, worden de gegevens over de betrokken
instellingen, nadat deze instellingen in de gelegenheid werden gesteld hun
opmerkingen aan de multipartitestructuur bedoeld in artikel 153 van
hogervermelde wet van 29 april 1996 te hebben bezorgd met het oog op eventuele
correcties van de gegevens. en onverminderd de toepassing van § 5, door het
Instituut bekend gemaakt op het adres http://www.riziv.fgov.be.
§ 8. Volgende groepen van verstrekkingen worden in aanmerking genomen :
1° De verstrekkingen opgenomen in artikel 3, § 1, A, II en C, I, artikel 18,
§ 2, B, e) en artikel 24, § 1, uitgezonderd de forfaitaire vergoedingen, van
de bijlage bij het koninklijk besluit van 14 september 1984 tot vaststelling van
de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen inzake de verplichte ziekte
en invaliditeitsverzekering;
2° De verstrekkingen opgenomen in artikel 17, § 1, 1°, 2°, 3°, 4°, 5°, 6°,
7°, 8°, 9°, 10°, 11°, 12°, 17bis en 17ter , uitgezonderd de forfaitaire
vergoedingen en de angiografieën, van de bijlage bij hogervermeld koninklijk
besluit van 14 september 1984;
3° De verstrekkingen opgenomen in artikel 3, uitgezonderd de verstrekkingen
inzake klinische biologie, artikel 7, artikel 11, artikel 20 en artikel 22 van
de bijlage bij hogervermeld koninklijk besluit van 14 september 1984.
§ 9. De diagnosegroepen worden gevormd op grond van de « All Patients Refined
Diagnosis Related Groups, Definitions Manual, Version 15.0 » :
1° APR-DRG 73 - Ingrepen op de lens met of zonder vitrectomie, APR-DRG 97 -
Adenoidectomie en amygdalectomie, APR-DRG 179 - Onderbinden en strippen van
venen, APR-DRG 225 - Appendectomie, APR-DRG 228 - Ingrepen voor hernia
inguinalis en cruris, APR-DRG 263 - Laparoscopische cholecystectomie, APR-DRG
302 - Majeure ingrepen op gewrichten en heraanhechtingen onderste ledematen
behalve bij trauma indien nomenclatuurcode 289085 - Arthroplastiek van de heup
met totale prothese (acetabulum en femurkop) werd aangerekend, APR-DRG 302 -
Majeure ingrepen op gewrichten en heraanhechtingen onderste ledematen behalve
bij trauma indien nomenclatuurcode 290286 - Femorotibitiale arthroplastiek met
gelede prothese werd aangerekend, APR-DRG 313 - Ingrepen onderste extremiteiten
knie en onderbeen, behalve voet, indien nomenclatuurcode 300344 - Therapeutische
arthroscopieën (partiële of totale meniscectomie) werd aangerekend, APR-DRG
318 - Verwijderen van inwendige fixatoren, APR-DRG 482 - Transurethrale
prostatectomie, APR-DRG 513 - Ingrepen op uterus/adnexen voor carcinoom in situ
en benigne aandoeningen, indien nomenclatuurcode 431281 - Totale hysterectomie,
langs abdominale weg werd aangerekend, APR-DRG 513 - Ingrepen op uterus/adnexen
voor carcinoom in situ en benigne aandoeningen, indien nomenclatuurcode 431325 -
Totale hysterectomie, langs vaginale weg werd aangerekend, APR-DRG 516 -
Laparascopie en onderbreken tubae, APR-DRG 540 - Keizersnede en APR-DRG 560 -
Vaginale bevalling;
2° APR-DRG 45 - CVA met herseninfarct, APR-DRG 46 - Niet gespecifieerd CVA en
precerebrale occlusie zonder herseninfarct, APR-DRG 47 - Transient ischemia,
APR-DRG 134 - Longembolie, APR-DRG 136 - Nieuwvormingen van het
ademhalingsstelsel, APR-DRG 139 - Gewone pneumonie, APR-DRG 190 - Circulatoire
aandoeningen met acuut myocardinfarct, APR-DRG - 202 Angina pectoris, APR-DRG
204 - Syncope en collaps, APR-DRG 244 - Diverticulitis en diverticulosis,
APR-DRG 464 - Urinaire stenen en ultrasona lithotripsie en APR-DRG 465 -
Urinaire stenen zonder ultrasona lithotripsie.
§ 10. De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad,
ten einde rekening te houden met evoluties in de medische praktijkvoering en in
de medische praktijkverschillen na advies van de multipartite-structuur bedoeld
in artikel 15 van hogervermelde wet van 29 april 1996, de verstrekkingen bedoeld
in § 8 en de APR-DRG-groepen bedoeld in § 9 aanpassen. »
[...]
Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en
door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 22 augustus 2002.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Volksgezondheid,
Mevr. M. AELVOET
De Minister van Sociale Zaken,
F. VANDENBROUCKE
Met 's Lands zegel gezegeld :
De Minister van Justitie,
M. VERWILGHEN |