Home | VBS | Verenigingen | De Gids | Accreditering | Tarieven | Wetgeving | Verzekeringen | De Bulletijn | Hulp 

De Geneesheer-Specialist

Orgaan van het Verbond der Belgische Beroepsvereniging van Geneesheren Specialisten

Folio 10 van 28 Mei 2003 Vorige nummer Vorige Archieven van de Geneesheer Specialist Archief Volgende nummer Volgende
 


Memorandum van het Verbond van Belgische Specialisten

aan de volgende Regering
 





In België is het VBS de grootste artsenvereniging. Het verbond telt 7.313 leden verdeeld over 24 bij wet erkende beroepsverenigingen en 4 geassocieerde beroepsverenigingen. Alle leden zijn erkende geneesheren-specialisten of geneesheren-specialisten in opleiding.


1. Het VBS eist een bijkomende financiering om de intellectuele activiteiten beter te honoreren, zowel voor de huisarts als voor de specialist.


2. Het VBS is van mening dat de keuzevrijheid van de patiënt niet mag gehinderd worden door financiële of administratieve maatregelen zoals vb. een differentiële terugbetaling afhankelijk van het al dan niet voorafgaandelijk bezoek aan de huisarts. Die bewegingsvrijheid van de patiënt in het medisch landschap moet onderbouwd worden door een optimale samenwerking tussen huisarts en specialist, zowel extra- als intramuraal. De vrije keuze van de patiënt is de eerste fundamentele kwaliteitswaarborg, niet alleen op individueel niveau (de zorg waar hijzelf recht op heeft), maar ook collectief (maatschappelijke controle).


3. Het VBS wenst een fatsoenlijk budgettair beleid dat noodzakelijke zorgactiviteiten niet in gedrang brengt en dat kwaliteitszorg garandeert die toegankelijk is voor iedereen. Indien de Overheid hiervoor niet de nodige middelen kan of wil vinden, met name een jaarlijkse toename met 5% buiten index, dan moet een financiële verruiming via een tweede verzekeringscircuit worden gecreëerd.


4. In verband met de responsabilisering van de individuele zorgverlener stelt het VBS vast dat overdaad schaadt. De Overheid heeft een ongebreidelde macht toegekend aan het politiesysteem binnen het RIZIV. Sinds de recente wetswijzigingen worden de rechten van de verdediging onvoldoende geëerbiedigd.


5. Het VBS wil een halt toeroepen aan de overnormering en betutteling allerhande ondermeer via zorgprogramma's. Het VBS wil:

  • het initiatief laten aan de beroepsgroep en directe inmenging van de Overheid in de praktijkvoering vermijden. Het is de taak van de Overheid om problemen aan te brengen en rekenschap en bijsturing te vragen bij de door de betrokken beroepsgroepen uitgewerkte maatregelen;
     
  • elke vorm van monopolisering of toekennen van privileges vermijden.

De rol van de Overheid op dit vlak is een algemeen kader te scheppen. De voorbije regeringen hebben de normen ten spits gedreven zonder ooit het prijskaartje te berekenen. Het gevolg is dat de kosten nutteloos verhoogden.


6. Noch het VBS noch de Belgische burger wil een staatsgeneeskunde in de zin van het Engelse NHS of de mechanismen van de Nederlandse gezondheidszorgorganisatie. De Overheid blijkt onze gezondheidszorg te willen stoelen op premissen van dergelijke voorbijgestreefde en zwaar in gebreke blijvende systemen.


7. Het huidige ostracisme t.o.v. de (louter) extramurale specialisten, die op dogmatische wijze in alle promotiecampagnes van de overheid geweerd worden uit de eerstelijnszorg, kan niet langer getolereerd worden. Het betreft ongeveer 7.000 hooggekwalificeerde specialisten die een zuinige en zeer toegankelijke specialistische geneeskunde aanbieden aan de Belgische bevolking.


8. De geprivilegieerde bevordering van de collectivistische zorgorganisatie ("zorgkolchozen") en alle vormen van bevoorrechte financiering (via onrechtstreekse vergoedingen – forfaitaire vergoedingen – verkapte subsidies - …) is onaanvaardbaar in ons op vrijheid gestoeld zorgsysteem.


9. Het VBS wil dat de Overheid ophoudt de "eerste lijn" te beschouwen als een "chasse gardée" van een bepaalde professionele deelgroep.

In aanmerking genomen

  • de dalende aantrekkelijkheid van de huisartsgeneeskunde, het door sommigen gevreesde tekort aan huisartsen (feminisatie – vroegtijdig uitstappen uit het beroep, …),
  • het feit dat de bevolking beschikt over +/- 7.000 louter extramurale specialisten,
  • het uitermate voordelige prijs/kwaliteit aspect van onze geneeskunde,

stellen wij een realistische houding voor waarbij ONS systeem wordt behouden en verbeterd, in plaats van obsolete systemen uit het buitenland in te voeren en op te dringen aan onze bevolking.


10. Er is grote nood aan het correct functioneren en het in acht nemen van de professionele adviesorganen die de wetgever zelf heeft ingesteld zoals bvb. de Hoge Raad voor Geneesheren-Specialisten en Huisartsen, de Nationale Raad voor Ziekenhuisvoorzieningen en andere ... Actueel worden deze instanties nog slechts pro forma samengeroepen wanneer het de minister belieft. De deskundige adviezen worden bijna systematisch genegeerd.


11. Niettegenstaande de bekommernissen van F. VANDENBROUCKE omtrent de zelfstandige beroepsbeoefenaars, wijzen een aantal door hem genomen maatregelen op dogmatisch favoritisme ten gunste van de loontrekkende artsen en andere zorgverleners. We verwijzen ondermeer naar de discriminaties in het K.B. over het onderdeel B6 en het K.B. over de financiering van het ziekenhuis onderdeel B7.


12. De maatregelen voor de contingentering en de numerus clausus moeten correct en ongewijzigd worden aangehouden en uitgevoerd.


13. Een oplossing van het contentieux ziekenhuisartsen - ziekenhuisbeheerders i.v.m. de honoraria (art. 139bis en art 140) dringt zich op. Wij blijven onvoorwaardelijk voorstander van een medisch honorarium dat alle elementen van de medische verstrekkingen omvat. We verzetten ons tegen honoraria die gesplitst zouden worden in een zogenaamd zuiver honorarium en een kostenvergoeding. De oplossingen voor het contentieux moeten gevonden worden via een correcte financiering van het ziekenhuis en NIET via een verdergaande inbeslagname de honoraria door de ziekenhuisbeheerder. De medici moeten hun beslissingsrechten op medische uitrusting en personeelsomkadering m.b.t. hun activiteiten behouden.


14. De Medische Raad moet initiatiefrecht verkrijgen in verband met de punten die een verzwaarde overlegprocedure vereisen en de materies van artikel 125 waarop dit toepasselijk is moeten worden uitgebreid. Specialistische geneeskunde is immers de "core bussiness" van het ziekenhuis. In de context van artikel 125 moet er eindelijk klaarheid worden geschapen over de begrippen afzetting, ontslag en “andere sancties”.


15. De problematiek van de medische aansprakelijkheid vergt een redelijke en leefbare oplossing die geen nieuwe financiële lasten meebrengt voor de artsen.


16. In een consequent ziekenhuisbeleid kan er geen plaats zijn voor arbitraire verschillen tussen universitaire en andere ziekenhuizen op het gebied van

  • de opleiding
  • de betoelaging en budget
  • de evaluatie van nieuwe technologieën
  • onderzoek
  • patiëntenzorg.

Gelijke prestaties moeten overal op dezelfde wijze gehonoreerd worden.


17. De basisfinanciering met name de honorering per prestatie, moet de hoeksteen blijven van de financiering van ons gezondheidssysteem. Forfaitaire vergoedingssystemen van de medische activiteit zullen, net zoals in Nederland, leiden tot weigeren van zorg en het aanleggen van wachtlijsten.


18. Er is dringende noodzaak aan stabiliteit in de gezondheidszorg. Na de opeenstapeling van maatregelen die de zorgverleners te verduren kregen en de steeds opnieuw structureel ingebouwde besparingsmaatregelen, heeft de sector behoefte aan een periode van stabiliteit. De eindeloze bemoeienissen van de Overheid met de dagelijkse praktijk van de zorgverleners moet ophouden.


19. De Overheid moet ophouden met het “uitvinden” van nieuwe bijzondere beroepstitels en bijkomende specialisaties. Deze worden voornamelijk gecreëerd om bepaalde domeinen van de geneeskunde te reserveren voor bepaalde verstrekkers en/of instellingen en dit ten koste van de toegankelijkheid van de patiënten tot deze zorgverlening.


20. Het VBS verzet zich met klem tegen de manier waarop de Overheid de zogenaamde schijnzelfstandigen wil aanpakken omdat in het bestaande ontwerp ook de sector van de ziekenhuizen en de er werkzame artsen worden opgenomen. Ofwel moet de Ziekenhuiswet zeer drastisch worden herschreven zodat de ziekenhuisartsen volledige autonomie bekomen en als medisch ondernemer kunnen optreden binnen de muren van het ziekenhuis, ofwel moet de Overheid de artsen als beroepsgroep uitsluiten uit het voorliggend ontwerp. Het in voege brengen van het actuele ontwerp zou bovendien een financiële katastrofe betekenen voor de reeds noodlijdende ziekenhuissector.


 


[PDF]
 

 
Vorige nummer Vorige Archieven van de Geneesheer Specialist Archief Volgende nummer Volgende

Questions & Comments

Copyright © VBS, 1997-2004

  Home | VBS | Verenigingen | De Gids | Accreditering | Tarieven | Wetgeving | Verzekeringen | De Bulletijn | Hulp