Home | VBS | Verenigingen | De Gids | Accreditering | Tarieven | Wetgeving | Verzekeringen | De Bulletijn | Hulp 

De Geneesheer-Specialist

Orgaan van het Verbond der Belgische Beroepsvereniging van Geneesheren Specialisten

Folio 5 van 08 Februari 2003 Vorige nummer Vorige Archieven van de Geneesheer Specialist Archief Volgende nummer Volgende
 

Stellingname van de Algemene vergadering :
De toegang tot de moderne gezondheidszorg


Brussel, 8 februari 2003



De toegang tot de moderne gezondheidszorg.



De actuele realiteit


Ons huidig gezondheidszorgsysteem wordt geconfronteerd met een mondige patiënt. De patiënt wil centraal gesteld worden. De wetgever heeft hem een aantal rechten toegekend. De artsen moeten daar op adequate wijze aan tegemoet komen.
 

De hedendaagse patiënt kan niet vergeleken worden met deze van 40 of meer jaren terug. Destijds werd in Groot-Brittannië, binnen de National Health Service, evenals in Nederland en in de Scandinavische landen, een echeloneringssysteem ingevoerd. De nadelen van dit systeem zijn duidelijk onderkend in bovengenoemde landen. De performantie en de kwaliteit van behandeling worden er helemaal niet door gegarandeerd.
 

Vandaag is de patiënt ontvoogd. Zijn kennis en bewustzijn van gezondheid en ziekte zijn op manifeste wijze toegenomen, niet in het minst door de vooruitgang van zijn sociale status en de continue voorlichting via onderwijs en media. Deze patiënt eist dat ‘hij/zij’ en niet langer 'het systeem' of ‘de zorgverstrekker' centraal staat.
 

De ontwikkeling van de geneeskunde in de zin van meer en meer specialisatie of meer en meer technologische inbreng, is onontkoombaar.
De toegang tot de gezondheidszorg betekent een essentiële stap waar de vrije wil van de patiënt moet gegarandeerd en gerespecteerd worden.
Vandaag is de patiënt er zich van bewust dat elk uitstel in diagnose en bijgevolg in behandeling een rechtstreekse bedreiging vormt voor zijn gezondheid. Uitstel leidt ook tot een toename van kosten van de ziekenzorg. De “eerste lijnsgeneeskunde” is niet per definitie de goedkoopste. Ze is dit alleen in die gevallen waar eerstelijnszorg volstaat. De goedkoopste geneeskunde, weze het de huisarts– of de gespecialiseerde geneeskunde, is deze die de patiënt nodig heeft.
Een specialist kan een patiënt, met een aandoening welke niet tot zijn gespecialiseerd activiteitsveld behoort, evengoed als een huisarts doelmatig verwijzen. De directe toegang tot de specialist dient dus zo laagdrempelig als mogelijk gehouden te worden. De vertrouwdheid die de patiënten hebben met een aantal symptomen wettigt volledig dat zij zich rechtstreeks wenden tot b.v. een oftalmoloog, een gynecoloog, een pediater, een dermatoloog, een pneumoloog, een uroloog, een gastro-enteroloog, een vaatchirurg … enz.. Het zou onbegonnen werk zijn een lijst op te stellen van aandoeningen waarvoor het verplicht consult bij de huisarts een overbodige stap betekent. Op het ogenblik dat de patiënt een beslissing moet nemen in verband met zijn gezondheidsprobleem, moet bovendien het recht op een “tweede advies” verzekerd blijven.
 

Bepaalde tendensen van patiëntengedragingen zijn, in het kader van de socio-economische ontwikkeling, volkomen begrijpelijk. In ons land groeit de tendens om zich rechtstreeks te wenden tot een spoedgevallenafdeling. Dit fenomeen is in de Verenigde Staten sinds decennia evident. Voor alle urgente pathologie welke niet rechtstreeks kan opgelost worden door de huisarts steunt deze houding op een perfect logische redenering : een doeltreffende geneeskundige opvang in een oord uitgerust voor elke eventualiteit, met zo nodig, de mogelijkheid van onmiddellijk technologisch onderzoek en directe adequate behandeling.
 



Wat plaatsen onze politici tegenover deze realiteit?
 


Tegen alle logica in trachten onze politici een voorbijgestreefd systeem in te voeren waarvan het failliet in een aantal EU-lidstaten inmiddels werd aangetoond. De vrijheid van de patiënt wordt vervangen door verplichte circuits. Dit resulteert in rantsoenering en wachtlijsten en leidt zelfs tot het exporteren van patiënten naar o.m. België om de nodige zorgen te krijgen in levensbedreigende ziekten zoals b.v. hartslagaderziekten. .
De door de overheid georganiseerde en betaalde publiciteitscampagne voor de huisartsengeneeskunde is eens te meer een artificiële poging om met regeringssteun één bepaalde categorie van artsen-specialisten (want de huisartsengeneeskunde heeft het statuut van specialist verworven) te promoten. Dergelijke brainwashing van de bevolking is niet op zijn plaats in een democratisch land. De patiënten moeten niet kunstmatig aan het systeem aangepast worden, wel omgekeerd.
 

Een aantal gratuite beweringen welke zogenaamd de huisartsengeneeskunde karakteriseren moeten doorprikt worden. “Een persoonsgerichte benadering, georiënteerd op het individu, een coördinerende zorg, een raadgevende rol, een holistische approach van de patiënt, het simultaan behandelen van acute en chronische gezondheidsproblemen”, kwaliteiten welke volgens de definitie van de UEMO (Union Européenne des Médecins Omnipraticiens) eigen zouden zijn aan de huisarts, zijn evengoed aanwezig bij correct fungerende (andere) specialisten. De specialistische geneeskunde blijft een geneeskunde voor patiënten en niet voor organen.
 

De toegang tot elke vorm van geneeskundige praktijk moet dus vrij blijven. Het begrip “eerste lijn” is door de feiten voorbijgestreefd, voor zover alléén de huisartsengeneeskunde hierin zou inbegrepen zijn. Moderne concepten die het resultaat zijn van bovengeschetste logische evolutie, moeten gestroomlijnd worden om de patiënt van een correcte toepassing van het systeem te laten genieten.
 

Tijdens de basisopleiding tot arts moet blijvend aan de algemeen geneeskundige aspecten van de opleiding voldoende aandacht geschonken worden. De arts - specialist is geen beperkt technicus die slechts ingeschakeld wordt na tussenkomst van de “intellectuele specialisten”. De specialist is een “physician with skills in addition !” De opleiding tot specialist in België kan elke vergelijking met deze in de geïndustrialiseerde wereld doorstaan. Men moet hierbij bedenken dat om specialist te worden de kandidaat na het verwerven van het artsendiploma rond de leeftijd van 25 jaar, nog een lange en intensieve opleiding moet volgen. In de praktijk is dit b.v. voor een chirurg vandaag een vorming van 7 jaar of meer.
 

Ons land levert sinds jaren het bewijs dat, mits de nodige organisatie en toezicht, een dergelijk systeem van vlot toegankelijke geneeskunde op hoog niveau, niet leidt tot hogere uitgaven voor de gezondheidszorg dan het Europees gemiddelde.
 

Het achterna lopen van de feiten en de wanhopige pogingen om voorbijgestreefde regelingen op te dringen, zowel door de Overheid als door sommige huisartsenorganisaties, moeten plaats ruimen voor het aanmoedigen en vervolmaken van het eigen systeem. De Belgische gezondheidszorg wordt vandaag als één van de meest adequate en meest performante ter wereld erkend. De tevredenheid van de patiënt scoort er bijzonder hoog.
 

Om de toegankelijkheid tot en de kwaliteit van die zorg rondom de patiënt te verzekeren is het noodzakelijk de communicatie met huisartsen en andere specialisten te bevorderen, het multi-disciplinair overleg aan te moedigen en de informatie naar de patiënt te optimaliseren.
 


 

 
Vorige nummer Vorige Archieven van de Geneesheer Specialist Archief Volgende nummer Volgende

Questions & Comments

Copyright © VBS, 1997-2004

  Home | VBS | Verenigingen | De Gids | Accreditering | Tarieven | Wetgeving | Verzekeringen | De Bulletijn | Hulp