Home | VBS | Verenigingen | De Gids | Accreditering | Tarieven | Wetgeving | Verzekeringen | De Bulletijn | Hulp 

De Geneesheer-Specialist

Orgaan van het Verbond der Belgische Beroepsvereniging van Geneesheren Specialisten

Nr 8  -  November 2002

Vorige artikel VorigeInhoud van dit nummer InhoudVolgende artikel Volgende

 

OPEN BRIEF VAN DE GYNECOLOGEN


Brussel, 3 oktober 2002

Betreft:  

Ereloon aanpassing VERLOSKUNDIGE VERSTREKKINGEN
Nakende onderhandelingen ‘Akkoord artsen-ziekenfondsen’ binnen de “Medico-mut
Of … “GEZOCHT: VERLOSKUNDIGE M/V

Het lijkt misschien voor sommigen ongepast om in een periode van ruime budgetoverschrijding in de gezondheidszorg en terwijl diverse actoren prioriteitslijsten of/en achterstallige kostennota’s opstellen, als beroepsvereniging van de gynaecoloog-verloskundige, opnieuw de aandacht te willen vestigen op vergoedingen binnen de nomenclatuur verloskunde.

De wetenschap dat de vraag naar deze herwaardering reeds bij de twee voorgaande onderhandelingen ter tafel lag, zou zelfs van een ongehoorde eis kunnen doen spreken. Ware er niet de feitelijke verwerping van de vraag naar verdubbeling van deze honoraria, daar toen amper enkele procenten, met in begrip van de indexaanpassingen, aan dit deel van de RIZIV-nomenclatuur werd toebedeeld.
Voorbeelden van ruime terugbetalingstarieven in andere disciplines voor prestaties die geenszins de vergelijking met het delicaat verloskundig medisch handelen kunnen doorstaan worden door ons niet aangehaald. Dit zou een gebrek aan fairplay betekenen en de cohesie onder de artsen in het gedrang brengen.
Evenmin uiten we kritiek op de actuele vraag van de huisartsen om hun honorarium voor de intellectuele prestaties drastisch te verhogen. Wel integendeel, ook wij ijveren sedert jaren voor de reeds zolang aangekondigde herijking van de erelonen. Hun vraag is immers terecht of het toelaatbaar is dat negen jaren hogere studies mogen uitmonden in een beschamend laag dagloon.

De oude eis van onze beroepsgroep naar een billijke opwaardering voor de verloskundige prestaties met de invoering van een nacht- en weekendtarief (de verloskundige prestaties blijven hier de absoluut enige uitzondering), blijft echter op basis van degelijk onderbouwde argumentatie jammergenoeg brandend actueel.

De verloskunde is immers in een adembenemende vaart dermate geëvolueerd dat het dé medische discipline bij uitstek is geworden, die het meest lijdt onder de medicolegale druk. Navenant weegt het prijskaartje van de verzekeringspremie loodzwaar. Concreet betalen op dit ogenblik tientallen gynaecologen een premie met het officiële ereloon van 40 bevallingen. De verloskunde bevindt zich qua risicofactor op het hoogste (en eenzame) niveau 6, dit is hoger dan cardio- en neurochirurgie!
Gaandeweg werd de verloskunde voor velen een (te) riskante onderneming, ondanks een wellicht defensievere verloskundige zorg, zelf voortvloeiend uit de overmaat aan schadeclaims.
En ondanks ministeriële beloftes bleef het “no-fault”-systeem tot heden dode letter, ook al werd de daaraan gekoppelde patiëntenrechtenwetgeving doorgevoerd.
In de sommige omringende landen vindt men nog amper gynaecologen die dit delicate deel van het specialisme willen uitoefenen. Daar is het zo boeiende, gevarieerde en sterk klinisch gerichte vak dat verloskunde heet, onder de toenemende medicolegale druk herleid tot een vak voor kamikazepiloten. En daar blijkt uitgerekend de vergoeding voor de verloskundige prestaties wel redelijk.
Deze extreme situatie is er in ons land nog niet, maar wordt zonder bijsturing onvermijdelijk. Via de wetenschappelijke verenigingen ontwikkelde de beroepsgroep sedert jaren talrijke initiatieven om zowel te inventariseren (Studiecentrum Perinatale Epidemiologie) en in consensus evidence based te werken (Richtlijnen en aanbevelingen). Hierdoor verhopen we preventiemodellen te kunnen uitwerken, teneinde de hooggestelde patiëntendruk tegemoet te komen.

Het plethoraprobleem bereikt ondertussen een schrijnend hoogterecord. De voorziene contingentering vanaf 2004 komt ook voor ons geen jaar te vroeg, temeer daar de echte effecten pas tegen 2009 op het terrein merkbaar zullen zijn. Dit heeft tot gevolg dat steeds meer gynaecologen steeds minder bevallingen verrichten. En dat heeft niet alleen nadelige gevolgen op het vlak van inkomsten, doch leidt onvermijdelijk tot tekort aan -letterlijk- levensnoodzakelijke klinische ervaring.

De maatschappij moet verder een bevoorrechte plaats geven aan zwangerschap en geboorte, als ze voor de toekomst overlevingsgaranties wenst. Wil men de huidige evolutie van denataliteit keren, wil men echt eerbied opbrengen voor de toekomst van de gemeenschap, dan dient daarin ook te worden geïnvesteerd. Een kwaliteitsvolle “moeder en kind” -zorg blijven garanderen is hiertoe vanzelfsprekend.
Die wil moet politiek vertaald worden in het vrijmaken van extra middelen, om de actoren, verantwoordelijk voor het allervroegste en meest cruciale moment van elk mensenleven, professioneel, gemotiveerd en toegewijd te kunnen laten handelen.
Het budget verloskunde is trouwens in vergelijking met de portefeuilles van andere disciplines bijna verwaarloosbaar. Zijn zorg voor het ongeboren kind en voor geboorte soms tweede- of derderangsactiviteiten die niet veel mogen kosten?

De verloskundige patiënte van vandaag eist een sterk persoonsgebonden begeleiding, een paraatheid dag en nacht en tenslotte de perfecte zwangerschapsoutcome met een nog perfectere ‘gouden’ baby.
De gynaecoloog wil zich maximaal inzetten om aan die eisen tegemoet te komen. Dit kan hij/zij echter niet langer bij het uitblijven van een billijke en rechtvaardige vergoeding.

Deze vraag komt niet van een harde kern binnen onze beroepsgroep, maar wordt gedragen door alle gynaecologen, universitair of niet universitair, man of vrouw, jong of oud, privé gevestigd of werkend in een instelling. De Beroepsvereniging vertegenwoordigt op dit ogenblik nagenoeg 70 % van de actieve gynaecologen.
Het geduld van alle gynaecologen is op. We hebben te lang geen loon naar werken gekregen. We willen de gevraagde verdubbeling van de honorering van de verloskundige prestaties nú. Zoniet valt inderdaad de ondertitel van deze brief in de toekomst als noodadvertentie vaker te lezen.

Vriendelijke en collegiale groeten, mede namens de verantwoordelijke van de Cellule de défense professionnelle van de G.G.O.L.F.-B., Dr. Victor Fonzé.

Dr. Geert Debruyne
Voorzitter Beroepsvereniging
Belgische verloskundigen en gynaecologen

Dr. Johan Van Wiemeersch
Voorzitter Beroepsbelangencommissie V.V.O.G.


 

Vorige artikel VorigeInhoud van dit nummer InhoudVolgende artikel Volgende

Questions & Comments

Copyright © VBS, 1997-2004

  Home | VBS | Verenigingen | De Gids | Accreditering | Tarieven | Wetgeving | Verzekeringen | De Bulletijn | Hulp