Home | VBS | Verenigingen | De Gids | Accreditering | Tarieven | Wetgeving | Verzekeringen | De Bulletijn | Hulp 

De Geneesheer-Specialist

Orgaan van het Verbond der Belgische Beroepsvereniging van Geneesheren Specialisten

Nr 7  -  Oktober 2002

Vorige artikel VorigeInhoud van dit nummer InhoudVolgende artikel Volgende

 

AANPASSING RAADPLEGINGEN

 

Aan Dhr F. VANDENBROUCKE
Minister van Sociale Zaken
Wetstraat 62
1040 Brussel
 
Cc: Aan Dhr J. TAVERNIER
Minister van Volksgezondheid
20 september 2002


Mijnheer de Minister,

Betreft: beslissing Nationale Commissie Geneesheren-Ziekenfondsen dd.22 april 2002;
verhoging van de raadplegingen –in voege treding per 1 september 2002.


Tijdens de voltallige bestuursvergadering van het V.B.S.op donderdag 19 september jl. werd voormelde problematiek uitvoerig besproken. Uit de talloze en heftige reacties blijkt dat het ongenoegen van de geneesheren-specialisten zeer groot is t.g.v. de zeer arbitraire maatregel waarbij slechts enkele disciplines een aanpassing hebben verkregen voor hun intellectuele verstrekkingen, dit wegens de zeer beperkte budgettaire ruimte die daarvoor door U voorzien werd.

Het gaat niet op

-een systematisch besparings- en besnoeiingsbeleid te voeren voor de technische verstrekkingen (waardoor trouwens verscheidene sectoren van technische-specialistische zorgverlening hic et nunc in zware moeilijkheden geraken),

-of drastische maatregelen te treffen om de zgn. overconsumptie te bestrijden (de zopas verschenen bepalingen inzake de “referentiebedragen” en uw ontwerp m.b.t. de individuele responsabilisering via een zwaar repressief beleid),

zonder tegelijkertijd positieve impulsen te voorzien voor de louter intellectuele verstrekkingen (raadplegingen en toezichthonoraria). Het onderscheid dat u trouwens veelvuldig maakt tussen intellectuele en technische verstrekkingen (alsof dat “niet intellectuele” verstrekkingen zouden zijn), berust op een mythe doch is volkomen artificieel. Het probleem is dat de aanhoudende besparingsmaatregelen samen met de tekorten van de ziekenhuisfinanciering ervoor zorgen dat de meeste medisch-technische activiteiten verlieslatend zijn geworden of het onvermijdelijk op korte termijn zullen worden. De Belgische nomenclatuurtarieven zijn trouwens belachelijk in vergelijking tot buurlanden zoals Duitsland en Frankrijk. Op Europese bijeenkomsten, zoals onlangs op de European Society of Cardiology meeting te Berlijn (01.09.2002), steekt men de draak met de Belgische tarieven.

De “honoraria” van de louter intellectuele verstrekkingen (ook deze die zopas opgewaardeerd werden) staan ver beneden het peil dat nog enige maatschappelijke vergelijking doorstaat, zelfs met vergoedingen van veel lager geschoolde beroepen.

Wij herinneren U eraan dat de BVAS voor de louter intellectuele verstrekkingen (consultaties en toezicht) van alle artsen een aanpassing had gevraagd met minstens 30%, te realiseren in 3 fasen gespreid over drie jaar.
Wij vernemen dat de groep van de huisartsen vandaag meteen 40% verhoging eist. Het intellectueel werk van de specialist is minstens evenwaardig met dat van de huisarts.

Om terug te komen tot de maatregel die in voege is getreden op 01.09.2002: het is duidelijk dat deze een discriminatie inhoudt die in feite alle aspecten van de hierboven geschetste problematiek accentueert. De artsen die erkend zijn als geneesheer-specialist in inwendige geneeskunde werden terecht met de 7,5% verhoging bedacht. De cardiologen (die een ganse reeks medisch-technische inleveringen moesten ervaren), de gastro-enterologen (aan wie de beloofde vergoeding voor de zware sterilisatiekost nog steeds wordt geweigerd), en de pneumologen vielen uit te boot. Dit is niet meer redelijk. De intellectuele act van die drie disciplines kan niet minderwaardig zijn t.o.v. deze van de als internist erkende specialist. Deze heeft trouwens toegang tot dezelfde nomenclatuur van medisch-technische verstrekkingen. Waar is de logica?

De realiteit is dat de diensten voor cardiologie, gastro-enterologie en pneumologie voor een groot deel in de rode cijfers staan. De technische verstrekkingen compenseren geenszins het het belachelijk lage niveau van de intellectuele prestatie. De economische druk wordt bijzonder groot voor de specialisten erkend als cardioloog, gastro-enteroloog of pneumoloog, (opleidingsduur: 6 jaar) om eerder het specialisme inwendige geneeskunde (5 jaar opleiding) te kiezen. Immers hun collegae internist-cardiologen, internist-gastro-enterologen of internist-pneumologen genieten vanaf 1 september jl. de absolute voorkeur van hun ziekenhuisbeheerder. De keerzijde van uw ontoereikende maatregel zal dan tot gevolg hebben dat de nieuwe opleidingen in deze drie specialismen gewoon zullen opdrogen, en dat deze disciplines op korte termijn volledig zullen verlaten worden.

Vanuit de betrokken beroepsverenigingen gaat met aandrang een stem op om naar de Raad van State te trekken tegen deze maatregel van 1 september jl.. Uit een kort juridisch nazicht blijkt dat de middelen daartoe geenszins ontbreken. U zelf hebt in een brief dd. 23.07.2002 aan Dr Y. Avontroodt verklaard dat u inderdaad geen onderscheid kunt maken tussen internisten die cardiologie beoefenen enerzijds en cardiologen anderzijds. Het is bovendien een voldoende gekend gegeven dat meer dan de helft van de als cardiologisch bestemde nomenclatuuruitgaven niet aan de cardiologen (internist-cardiologen inclusief) kan toegeschreven worden, doch aan een zeer brede waaier van disciplines, huisartsen inbegrepen.

Wel is het zo dat alléén de echte cardiologen of internist-cardiologen, de echte gastro-enterologen of internist-gastro-enterologen, en de echte pneumologen of internist-pneumologen, ook de échte specifieke cardiologische, gastro-enterologische of pneumologische raadplegingen leveren. Uiteindelijk gaat het erom dat de patiënt het echte klinisch onderzoek krijgt dat hij of zijn verwijzende arts verwacht.

Wij menen daarom dat het aangewezen is, zoals uzelf verklaarde, geen onderscheid te maken, en dit door een eenvoudige maatregel die erin bestaat het honorariumtarief van de raadplegingen van deze inwendige disciplines op hetzelfde niveau brengen als deze van de specialisten in inwendige geneeskunde.

Inmiddels danken wij u bij voorbaat voor uw aandacht, en groeten u, met de meeste hoogachting,

Namens het voltallig Bestuurscomité

Prof. Dr J.GRUWEZ
Voorzitter

 




Vervolg brief aan Dhr F. VANDENBROUCKE - 20.09.2002

PS: In uw brief dd. 23.07.2002 aan Dr Y. AVONTROODT, stelde u tevens dat echocardiografie regelmatig door niet-artsen (technici, verpleegkundigen) uitgevoerd wordt en dat zulks, volgens uw literatuurreferenties met een goede kwaliteit van onderzoek gebeurt. Mogen wij van u vernemen waar precies en in welke omstandigheden deze onderzoeken aldus worden uitgevoerd? Graag vernamen we ook de exacte referenties betreffende voormelde literatuurgegevens. Met dank bij voorbaat voor uw spoedig antwoord.


 

Vorige artikel VorigeInhoud van dit nummer InhoudVolgende artikel Volgende

Questions & Comments

Copyright © VBS, 1997-2004

  Home | VBS | Verenigingen | De Gids | Accreditering | Tarieven | Wetgeving | Verzekeringen | De Bulletijn | Hulp