Home | VBS | Verenigingen | De Gids | Accreditering | Tarieven | Wetgeving | Verzekeringen | De Bulletijn | Hulp 

De Geneesheer-Specialist

Orgaan van het Verbond der Belgische Beroepsvereniging van Geneesheren Specialisten

Nr 2  -  Februari 2002

Vorige artikel VorigeInhoud van dit nummer InhoudVolgende artikel Volgende

 

DE BELGISCHE URGENTIE-ARTSEN BEGRIJPEN HET NIET MEER
(Persbericht BeCEP 7.2.2002)


De Belgische urgentie-artsen begrijpen het niet meer. Zij werden eind vorig jaar als expert uitgenodigd in een overlegstructuur, georganiseerd door het ministerie van Volksgezondheid, samen met Sociale Zaken, om zich mee te buigen over een discussienota die de huidige probleempunten in verband met de spoedgevallenzorg belichtte. Naast de huidige lamentabele financiering van deze diensten kwam daarbij ondermeer het item over het onnodige gebruik van de spoedgevallendiensten aan bod.

Het wetenschappelijk onderzoek dat daaraan voorafging toonde het volgende aan :

1) In België is totnogtoe geen enkele wetenschappelijke studie uitgevoerd om dit probleem te kwantificeren, of met andere woorden. ”Niemand weet nog maar bij benadering, hoe groot of hoe klein dit probleem wel is in dit land”. Cijfers over het feit of a posteriori het spoedgevallenbezoek toch logisch was te verklaren of niet, zijn tevens onbestaande.

2) Er kon wel een belangrijke les worden getrokken uit buitenlandse wetenschappelijke studies: het financieel afstraffen van de bevolking voor een bezoek uit eigen initiatief aan de spoedgevallendienst, heeft geen enkel effect op degenen die er bewust misbruik van maken, maar zorgt er wel voor dat de urgente zorg voor de sociaal lagere klassen wordt uitgesteld… .

Met verbijstering nemen wij kennis van het feit dat Minister Vandenbroucke een probleem wil aanpakken waarvan niemand ooit heeft aangetoond dat dit wel het op te lossen probleem is, en dit dan nog op een manier waarvan men weet dat het de verkeerde is.

Naar de motieven en de aanstokers van dit onmenselijke plan zouden wij het raden hebben, als we niet uit Artsenkrant van deze week (nr.1405-dinsdag 05.02.2002) hadden vernomen, dat het uiteindelijk de bedoeling is om het veel te krappe budget van de spoedgevallendiensten nog verder in te krimpen, door een shift van 10 miljoen euro te veroorzaken van de spoedgevallendiensten naar een zinloos initiatief: een supplementaire wachtdienst voor huisartsen. En dit terwijl we via de pers bestookt worden met verhalen van Belgische huisartsen die het land ontvluchten omdat ze (en dit begrijpen wij zeer goed) niet meer 24 uur op 24 wensen klaar te staan voor hun patiënten.

Wij gaan de bevolking niet onderhouden met casuïstiek, maar ook in de urgentiegeneeskunde is er een enorme vlucht uit het beroep aan gang. De resultaten van het onderzoek van het College Kwaliteit Urgentiegeneeskunde 2001, over de werkelijk beschikbare menselijke middelen op de spoedgevallendiensten, toonden aan dat van de 100 erkende urgentie-artsen, er nog maar slechts 62% effectief werken op de spoedgevallendiensten. Dit zijn pas zorgwekkende cijfers voor één van de jongste en langstdurende specialisaties in België. Ook de (schamele) opleidingsplaatsen raken niet meer opgevuld. De onderliggende reden is duidelijk: wanneer iemand een van de meest stresserende beroepen ter wereld moet uitoefenen, na de langste opleiding die er in het land bestaat (14 tot 15 jaar na de humaniorastudies) om dan vast te stellen dat hij 4 à 5 maal meer had kunnen verdienen met een meer comfortabele job waartoe hij tevens toegang heeft, is de keuze voor velen snel gemaakt. Het spijt ons, lieve patiënten, dat velen van ons zich niet meer kunnen inzetten voor jullie, op momenten dat jullie ons broodnodig hebben, maar er zijn limieten aan wat men van ons kan verwachten. Als de Overheid dit zo wil, moet zij daar maar de consequenties vandragen. Een urgentie-arts komt pas op de arbeidsmarkt als de meeste er al (na een carrière van 12 jaar), aan beginnen te denken om het wat rustiger aan te doen. Zeer vele taken die hij omwille van zijn unieke kennis en kunde momenteel uitoefent voor de maatschappij zijn momenteel gratis. Men moet beseffen dat dit niet kan blijven duren.

Wat is de houding van de urgentie-artsen naar de huisartsen toe?
Het invoeren van het globaal medisch dossier door een centrale beheerder (de huisarts) wordt enorm toegejuicht door alle urgentie-artsen. Wij erkennen dat de eigen huisarts (en hij alleen) in normale omstandigheden, de best geplaatste persoon is om over de gezondheidstoestand van zijn patiënt in zijn totaliteit te oordelen. De patiënt zou dus in het beste geval ten allen tijde op deze huisarts een beroep moeten kunnen doen. Praktisch is dit inderdaad niet haalbaar. Wanneer een patiënt bijgevolg meent een urgentie te hebben op een moment dat zijn huisarts niet bereikbaar is, moet hij zich (ongestraft) kunnen aanmelden bij een spoedgevallendienst. Wanneer men daar vaststelt dat het inderdaad om een urgentie gaat, is hij meteen op de juiste plaats om verder geholpen te worden. Indien na onderzoek blijkt dat het helemaal niet om een urgentie gaat, zou hij, zonder verder gevolg moeten kunnen worden terugverwezen naar zijn eigen beheerder van het globaal medisch dossier, zonder dat daar nog andere tussenpersonen bij te pas komen.
Dit is in termen van medische kwaliteit en patiëntentevredenheid de logica zelf. Degenen die hier anders over denken, moeten ons maar eens bewijzen dat wij ongelijk hebben. Elke manipulatie van dit systeem gaat in tegen zowel de filosofie van het globaal medisch dossier, de deontologisch gefundeerde keuzevrijheid van de patiënt, en het recht op goede geneeskunde die voor iedereen toegankelijk is. Het zou tevens afbreuk doen aan de nobele taak die de spoedgevallendiensten hebben in ons gezondheidslandschap: deze van “safetynet” en “gatekeeper”

Wij hopen dat de vele ministers en politici die in dit land verantwoordelijkheid dragen over de gezondheidszorg ons goed hebben begrepen en zich in belangrijke beslissingen die de ganse bevolking treffen, niet laten leiden door lobbies van leken die mogelijk andere doelstellingen hebben in hun toverdoos, dan dat de verpakking ervan doet uitschijnen.

De Belgian College of Emergency Physicians

Dr. Jan Stroobants, voorzitter (j.stroobants@village.uunet.be)
Dr. Pierre Todorov, secretaris (ptodorov@skynet.be)

 

Vorige artikel VorigeInhoud van dit nummer InhoudVolgende artikel Volgende

Questions & Comments

Copyright © VBS, 1997-2004

  Home | VBS | Verenigingen | De Gids | Accreditering | Tarieven | Wetgeving | Verzekeringen | De Bulletijn | Hulp