Home | VBS | Verenigingen | De Gids | Accreditering | Tarieven | Wetgeving | Verzekeringen | De Bulletijn | Hulp 

De Geneesheer-Specialist

Orgaan van het Verbond der Belgische Beroepsvereniging van Geneesheren Specialisten

Nr 8 - November 2000

Vorige nummer Vorige Archieven van de Geneesheer Specialist Inhoud Volgende nummer Volgende

ONDERSTEUNING EN STRUCTURERING VAN DE EERSTELIJNSGEZONDHEIDSZORG

STANDPUNT KINDERARTSEN

De eerstelijnszorg voor kinderen - Juli 2000
Belgische Academie voor Kindergeneeskunde

INLEIDING : Wil men een gezondheidsbeleid voor kinderen uitstippelen dan moet men uitgaan van het kind in zijn totaliteit. De Kindergeneeskunde heeft zich steeds tot doel gesteld het kind in zijn geheel te benaderen.
Kindergeneeskunde is een specialisme apart, verschillend van vele andere specialismen in die zin dat het patiënten met een bepaalde leeftijd en niet met een bepaald orgaanlijden behandelt. Kinderen zijn individuen in wording met hun leeftijdsgebonden eigenheid.
In de leeftijdscategorie waarop de Kindergeneeskunde zich richt, zijn groei, maturatie en differentiatie fundamentele karakteristieken die centraal staan zowel bij de preventieve als de curatieve benadering. Daarom is het van vitaal belang dat artsen die voor kinderen zorgen een grondige kennis bezitten omtrent normen en variabiliteit van biologische en psychologische fenomenen. Bovendien is er bij zieke kinderen vaak géén verband tussen de ernst van de symptomen en die van de onderliggende aandoening.
De vijfjarige opleiding, de ervaring en permanente bijscholing van de kinderarts zijn ongewoon belangrijk om steeds het banale van het levensbedreigende te kunnen onderscheiden. Die opleiding en bijscholing moeten de kinderen de garantie op een optimale behandeling bieden. Het oordeelkundig gebruik van geneesmiddelen staat hierbij centraal.
Bij de programmatie van een kwalitatief hoogstaande eerstelijnszorg voor kinderen is samenwerking tussen kinderartsen en huisartsen onontbeerlijk. Het kind heeft recht op een behandeling en verzorging door artsen en paramedici speciaal en specifiek opgeleid om kinderen te behandelen en te verzorgen. Dit moet gelden voor de zorg zowel in de eerste lijn als in de tweede en derde lijn.

HUIDIGE TOESTAND : Kinderartsen verzorgen kinderen zowel binnen als buiten het ziekenhuis. De zorg buiten het ziekenhuis behelst vooral de consultaties in de privé-praktijken en het werk in tehuizen voor kinderen en de instellingen voor preventieve geneeskunde. In de meeste streken van ons land en vooral daar waar de bevolkingsdichtheid groot is, kiezen de ouders vaak spontaan voor een kinderarts om hun kind te begeleiden.
Het aantal aanmeldingen op de afdelingen spoedgevallen neemt in zijn totaliteit elk jaar toe. Het aandeel hierin van kinderen wordt verhoudingsgewijze groter. Op deze afdelingen bieden ouders met zieke kinderen zich vaak aan zonder verwijzing. Niet overal kunnen deze kinderen door de kinderarts opgevangen worden.
Teveel kinderen worden verder nog onderzocht, behandeld en gevolgd door specialisten die onvoldoende met de kindergeneeskunde vertrouwd zijn. In vele van deze gevallen zou een kinderarts efficiënter kunnen optreden.

PERSPECTIEVEN : Voor de eerstelijnszorg van hun kind moet de ouders de vrije keuze krijgen om voor hun kind een kinderarts te kiezen.
Zoals voor andere behandelende artsen moeten ook voor deze artsen-voor-kinderen dezelfde rechten en plichten gelden, zoals het beheren van het medisch dossier, het verwijzen naar subspecialistische collegae, bezoek aan gehospitaliseerde kinderen, continuïteit van de zorgen enz.
Kinderartsen hebben recht op een centrale rol in de verzorging van kinderen. Ze moeten derhalve samen met de huisartsen betrokken worden bij de organisatie van de eerstelijnszorg voor kinderen.
Elk kind dat zich op een urgentiedienst meldt, valt onder de bevoegdheid van de kinderarts. De organisatie van de opvang van acuut zieke kinderen moet onder verantwoordelijkheid van de kinderarts gebeuren in samenwerking met de bestaande structuren.

Dr Michel PLETINCX
Voorzitter van de Belgische Academie voor Kindergeneeskunde
Prof. Willem PROESMANS
Ondervoorzitter van de Belgische Academie voor Kindergeneeskunde

STANDPUNT OFTALMOLOGIE

Brief van de Belgische Vereniging voor Oogheelkundigen aan Mevrouw de Minister van Volksgezondheid, M. Aelvoet

Geachte Mevrouw de Minister, 

In een rondschrijven betreffende de "Ondersteuning en structurering van de eerste Iijnsgezondheidszorg" vroeg U de verschillende Beroepsverenigingen uw voorstel kritisch te evalueren.

Wij zijn vereerd dat U naar onze mening vraagt alvorens beslissingen te treffen die een aanzienlijk impact kunnen hebben op de kwaliteit van de zorgen.

Onze beroepsvereniging is overtuigd dat de oogartsen altijd een eerste lijnsfunctie moeten bekleden en dit wegens de aard van hun specialisme.

Uit ervaring weten wij dat de huisartsen bij banale ongevallen met succes de eerste zorgen kunnen verlenen maar, uiteraard beschikken zij nòch over de kennis nòch over de apparatuur om bij de overige oogaandoeningen een differentiële diagnose te stellen en de adequate behandeling toe te passen.

Het is trouwens om deze reden dat een kandidaat oogarts na zijn volledige studies van geneeskunde nog 4 à 5 jaar moet specialiseren om de nodige kennis te verwerven.

Bijgevolg impliceert de behandeling van de oogaandoeningen door niet oogartsen, een medico?legale situatie waarbij de beoefenaar niet vrijuit kan gaan in geval van verkeerde diagnose en behandeling. Wij denken aan de regelmatige klachten die wij nù reeds van patiënten horen bij gemiste gevallen van Herpes van de cornea, iritis, glaucoom, virale ontstekingen, etc.

Een bijkomende beschouwing is louter van financiële aard : het feit van de verplichte systematische verwijzing door de huisarts van elk nieuw geval van oogklachten, zou een nutteloze extra uitgave voor het ziekenfonds van rond het half miljard betekenen.

In de hoop dat deze bemerkingen kunnen bijdragen tot het in stand houden van de kwaliteit van de zorgen in België,

Hoogachtend,


STANDPUNT N.K.O.

Persbericht

Luik, 13 oktober 2000

Op 10/10/2000 zijn de bestuurscomités van de Beroepsvereniging NKO en de monospecialistische commissie NKO in vergadering bijeengekomen.

Zij hebben kennis genomen van de standpunten van de diverse groeperingen over de eerstelijnszorg. 

Ze stellen vast dat de " eerstelijnszorg " wordt gedefinieerd als het eerste contact van de patiënt met een beroepsbeoefenaar van de gezondheidszorg (huisarts, tandarts, apotheker, verschillende geneesheren-specialisten (kinderartsen, oogartsen, neus-keel- en oorartsen, gynecologen, enz ...) zelfs met paramedici (kinesisten, logopedisten, psychologen, parallelle geneeskunde, ...) en dat velen trachten hun aandeel te valideren en zelfs een monopolie trachten te bekomen. 

Zij stellen vast dat sommigen de essentiële belangrijke rol van de gespecialiseerde geneeskunde hierin betwisten.

Zij zijn van mening dat de patiënt centraal staat en hierbij bijgevolg als eerste betrokken is, en dat deze laatste uit hoofde van de wet, de deontologische plichtenleer en het algemeen belang, vrij de geneesheer kan kiezen die hij voor zijn probleem wil raadplegen

De maatschappelijke evolutie en de ervaring met de verschillende behandelingswijzen die de patiënt vandaag heeft, maken dat hij de best geplaatste persoon is om de juiste keuze te maken. 

Elke reglementering, elke administratieve of financiële dwang met het oog op een belemmering van de vrije keuze is een sociale regressie : gezondheid is dermate belangrijk dat de patient het recht moet hebben om de meest bevoegde geneesheer te raadplegen voor zijn probleem. 

Het sleutelelement van deze vrije keuze is de kwaliteit van de dienstverlening.

Elke geneesheer die geraadpleegd wordt, huisarts of specialist, moet aan elke andere geneesheer die betrokken is bij de behandeling alle, voor deze behandeling nuttige elementen overmaken.

De samenwerking onder alle geneesheren is van essentieel belang. 

De Voorzitter,
Dr Jean GELIN.
  

Vorige nummer Vorige Archieven van de Geneesheer Specialist Inhoud Volgende nummer Volgende

Questions & Comments

Copyright © VBS, 1997-2004

  Home | VBS | Verenigingen | De Gids | Accreditering | Tarieven | Wetgeving | Verzekeringen | De Bulletijn | Hulp